Home | Algemeen | Sitemap | Disclaimer

Je bent nu op: Planeten :: Aardse Planeten :: Aarde

Aarde

        Gemiddelde afstand tot de zon: ± 149,6 miljoen km
        Tijdsverschil tussen twee zonsopgangen (zonnedag):     ± 24 uur en 0 minuten
        Duur van één asomwenteling (sterrendag): ± 23 uur en 56,1 minuten
        Duur van één revolutie om de zon (jaar):    ± 365,25 aardse dagen
        Equatoriale diameter: ± 12 756 km
        Massa: ± 5,976 × 1024 kg

 

De Aarde is vanaf de zon gezien de derde planeet in ons zonnestelsel. De Aarde is ook de planeet waar het meeste over bekend is. Dat is ook logisch omdat het de planeet is waar wij op leven. De Aarde is ongeveer 4,57 miljard jaar geleden ontstaan en het is voor zover wij mensen weten de enige planeet waar leven op voorkomt.

De positie van de Aarde ten opzichte van de andere planeten:
 

Dag/jaar

De rotatie van de Aarde zorgt voor het ritme in ons leven. Zo zorgt de rotatie om de aardas voor donker en licht. Op de kant van de Aarde die van de zon af staat is het donker, en op de kant die naar de zon toe gericht staat is het licht.
De baan van de Aarde om de zon zorgt voor de seizoenen, omdat de aardas scheef staat. Hierdoor staat soms het noordelijk halfrond dichter bij de zon, en soms het zuidelijk halfrond (het is daar dan zomer, en op het andere halfrond is het dan winter).

Het verschil tussen een zonnedag en een sterrendag (klik voor meer info) is op de Aarde een kleine vier minuten. De Aarde moet namelijk vier minuten langer draaien om de zon weer op hetzelfde punt te zien. Gemiddeld zitten er (iets meer dan) 30 dagen in een maand, per dag loopt het verschil tussen zonnedag en sterrendag met (iets minder dan) 4 minuten op en uiteraard zijn er 12 maanden in een jaar. De 'iets meer dan' en 'iets minder dan' heffen elkaar op. Dus: 30 x 12 = '360 dagen in een jaar'. 360 dagen x 4 minuten = 24,0 uur. Dus in elk jaar zitten n zonnedagen en n + 1 sterrendagen.

Een jaar op Aarde duurt 365,25 dagen, dus na vier jaar is er één dag over. Dit wordt opgeheven door een schrikkeldag, namelijk 29 februari.
Maar zelfs dan klopt het nog niet helemaal, en daarom wordt ééns in de zoveel tijd op 29 februari de klok een paar minuten vooruit gezet.
 

Temperatuur

De gemiddelde temperatuur op Aarde ligt tussen de 0°C en 15°C. Er zijn echter ook uitschieters van 40°C of zelfs 50°C, maar ook -40°C is in theorie mogelijk, maar is de laatste jaren steeds minder waarschijnlijk door de opwarming van de Aarde (denk aan het broeikaseffect).

Atmosfeer

De atmosfeer maakt het in combinatie met de temperatuur en het water mogelijk dat er leven op Aarde is. De atmosfeer is ongeveer 100 km dik, maar ruim driekwart van de atomen bevindt zich op minder dan 15 km hoogte. Dit betekent dat de rest een heel lage concentratie heeft. De atmosfeer bestaat voor ruim 78% uit stikstof, N2, en voor bijna 21% uit zuurstof, O2. De laatste procent bestaat uit argon, waterdamp, koolstofdioxide, neon, helium, methaan, krypton en waterstof. De atmosfeer zorgt ook voor de filtering van het zonlicht, de Ozonlaag houdt UV-straling tegen, en het zorgt voor de verspreiding van het zonlicht en houdt ’s nachts warmte vast.
 

Oppervlak

De gemiddelde temperatuur op Aarde ligt tussen de 0°C en 15°C. Er zijn echter ook uitschieters van 40°C of zelfs 50°C, maar ook -40°C is in theorie mogelijk, maar is de laatste jaren steeds minder waarschijnlijk door de opwarming van de Aarde (denk aan het broeikaseffect).
 

Water?

Uiteraard is er water aanwezig op de Aarde, 71% van het oppervlak bestaat er zelfs uit. Dat er überhaupt water aanwezig is is al bijzonder, maar doordat de gemiddelde temperatuur dicht bij het smeltpunt van water ligt, en het ook hoog genoeg is om water te laten verdampen doet een unieke situatie zich voor. Water kan namelijk op een natuurlijke manier in al haar drie aggregatietoestanden voorkomen. Dit is met geen enkele andere stof op geen enkele andere planeet het geval.
 

Manen

De Aarde heeft één officiële maan, de Maan. Deze is opvallend groot, namelijk 1/81 van de massa van de Aarde. De meeste manen in ons zonnestelsel zijn t.o.v. hun planeet veel kleiner, alleen Charon, de maan van Pluto, is naar verhouding nog groter. Hierdoor wordt de Aarde soms een dubbelplaneet genoemd. De Maan is iets jonger dan de Aarde en bestaat ook uit ongeveer hetzelfde materiaal. Waarschijnlijk is de Maan ontstaan nadat een planeet of planetoïde ter grootte van Mars tegen de Aarde is gebotst en dat er toen een stuk van de Aarde is afgebroken dat de Maan heeft gevormd.
De zwaartekracht van de Maan zorgt samen met de zwaartekrachten van de zon en de Aarde voor de getijden, eb en vloed. Ook de maanden die wij kennen zijn afgeleid van de Maan, maar van nieuwe maan tot nieuwe maan duurt 28 dagen, en onze maanden zijn, op februari na, 30 of 31 dagen. Dat komt omdat er volgens de Gregoriaanse kalender twaalf maanden in een jaar zitten, maar ook 365,25 dagen.

De Aarde heeft ook nog een onofficiële maan, Cruithne, met een doorsnede van zo’n 5 km. Dit is eigenlijk geen maan omdat ze niet in een baan rond de Aarde beweegt, maar een baan om de zon maakt. Die baan loopt zo dicht langs die van de Aarde dat ze in het zwaarteveld van de Aarde vastzit. De baan van Cruithne is iets elliptischer dan die van de Aarde, daarom gaat ze na een tijd achterlopen op de Aarde, die haar dan naar binnen trekt, in een iets kleinere baan, waardoor ze weer inloopt. Als ze de Aarde dan bijna voorbij gaat trekt de Aarde haar weer in een grotere baan. Dit hele proces beslaat 270 jaar, en zal naar verwachting in ieder geval de komende 5000 jaar door blijven gaan.
 

Onderzoek

Er zijn veel weersatelieten de ruimte in geschoten om de Aarde te bestuderen. Verder kan het onderzoek naar de Aarde natuurlijk gewoon op de Aarde zelf gedaan worden.
 


© 2007